Kieke en haar familie zijn lid van de Noorse Broederschap, een uiterst religieuze groepering die meent het enige ware geloof te belijden; de rest van de mensheid is blind en zal bij de terugkomst van Jezus onverbiddelijk terechtkomen in grote verschrikkingen. Wie uit de gemeenschap treedt, zal verstoten worden. Hun hele jeugd worden Kieke, haar broer en zussen onderworpen aan de strenge tucht van hun vader, een vooraanstaande broeder. De enige mensen bij wie ze zich geborgen voelt, zijn haar opa en de opstandige Liv.
Kieke leert dat de vele geheimen binnen de gemeenschap – ontucht, abortus, homoseksualiteit – verborgen dienen te blijven. Maar als haar broer het geloof de rug toekeert en het zusje van Liv onder duistere omstandigheden het leven laat, moet Kiki een beslissing nemen: of ze onderwerpt zich volledig aan de regels, of ze neemt haar lot in eigen handen.